Nederlanders eten minder gezond dan zou moeten, en wellicht zijn ze over hun eetgewoontes ook nog te optimistisch. Dat blijkt uit een representatief onderzoek uitgevoerd door marktonderzoeksbureau Ipsos, in opdracht van het Vitamine Informatie Bureau. Aanleiding is het verschijnen van de nieuwe Schijf van Vijf. Meer dan 1.000 Nederlanders werden online ondervraagd.

Een vergelijking van het onderzoek met de Voedselconsumptiepeiling van het RIVM van 2007-2010 leidt tot opvallende verschillen. Uit het nieuwe onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat driekwart van de Nederlanders naar eigen zeggen minstens ongeveer 200 gram groente per dag eet. De Voedselconsumptiepeiling komt tot een veel lager percentage. Ook bij fruit en vis zijn de verschillen aanzienlijk.

De Voedselconsumptiepeiling is van een aantal jaren geleden, de nieuwe peiling wordt tot en met 2017 gehouden en kan wellicht een verschuiving te zien geven. Er is de laatste jaren volop aandacht voor gezond eten en dat kan natuurlijk effect hebben op de eetgewoonten, waardoor de situatie nu verbeterd is. Maar een belangrijke verklaring van de verschillen is ook dat mensen in werkelijkheid, wat hun eetgewoonten betreft, niet altijd doen wat ze zeggen.

De vraag is natuurlijk waar dat door komt. In het onderzoek van het Vitamine Informatie Bureau is daarom gevraagd waarom mensen niet volgens de aanbeveling eten. De belangrijkste reden: ze vinden de hoeveelheid die ze eten al voldoende. Bij brood en groente zeiden veel mensen ook dat ze de aanbevelingen te hoog vonden: zes boterhammen en 200 gram groente krijgen ze gewoon niet op. Relatief veel mensen nemen zich wel voor om voldoende fruit te eten, maar de verleidingen van allerlei andere lekkere dingen zijn vaak te groot. Voor vis geldt een heel andere opvallende reden: 34% vindt vis te duur.

Als het gaat om kennis over gezond eten, dan gaan Nederlanders vooral uit van hun eigen inzichten. Goede tweede bron is het internet; de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum komt op plaats vijf. Het is dus een goede zaak dat de nieuwe Schijf van Vijf ook online geraadpleegd kan worden.

Het Vitamine Informatie Bureau legde de uitkomsten van het onderzoek voor aan Emely de Vet, hoogleraar gezondheidscommunicatie en gedragsverandering aan Wageningen University. ‘Dat mensen positief zijn over hun eetgedrag is niet zo verrassend, we noemen dat onrealistisch optimisme en je ziet het overal, ook bijvoorbeeld als je vraagt of mensen beter dan gemiddeld kunnen autorijden. Een belangrijk ander element is dat we niet zo goed weten wat we nu eigenlijk eten. Door de dag heen nemen we tientallen beslissingen over ons eten. Dat gebeurt lang niet altijd bewust. Daar komt bij: we weten niet of we bijvoorbeeld 200 gram groente hebben gegeten, omdat we niet weten hoeveel dat is. Er zijn natuurlijk ook vele verleidingen, zoals lekkere snacks bij de kassa van het tankstation. De vraag is natuurlijk hoe je vervolgens mensen ertoe brengt om gezonder te eten. Ten eerste: goede informatie is en blijft belangrijk, daar hebben consumenten behoefte aan. Ten tweede: je moet ook het gezonde verleidelijk maken, dus óók fruit bij de kassa. Het moet niet meer zo zijn dat je steeds wilskracht en zelfbeheersing nodig hebt om gezond te eten en de verleidingen te weerstaan. Gelukkig zie je steeds meer aandacht voor het gedrag van mensen, naast de puur voedingskundige aanpak.’

Uit het onderzoek blijkt ook dat ongeveer een derde van de Nederlanders vitaminesupplementen gebruikt. Nog eens 40% heeft ze wel ooit gebruikt. Meestal nemen mensen een supplement als aanvulling op de voeding, en om de weerstand te verhogen. Supplementen zijn uiteraard geen vervanging voor voldoende, gezond en gevarieerd eten. Maar grote groepen Nederlanders hebben ook los van hun voeding extra vitamines nodig, en die noodzaak wordt alleen maar groter als ze de aanbeveling niet halen.